Bodemweerbaarheid in Topsoil+
Welke eigenschappen moet een grond bezitten om weerbaar te zijn tegen diverse bodemgebonden ziekten? De wetenschap heeft nog geen eenduidig antwoord op deze vraag. Als PPO Bloembollen, Boomkwekerij & Fruit dragen we een steentje bij aan het onderzoek door de bodemweerbaarheid tegen ziekteverwekkers te meten in zandgronden met verschillende organische stofgehaltes.
Duinzandgrond heeft een bijzonder laag organisch stofgehalte van 0.5-1%. Juist in deze schrale grond treedt in de sierteelt veel schade op als gevolg van de schimmels Pythium, Rhizoctonia, Fusarium en het wortellesieaaltje Pratylenchus penetrans. De mogelijkheden voor chemische bestrijding zijn zeer beperkt en zullen in de toekomst wellicht helemaal ontbreken als gevolg van verdergaande verscherping van de regelgeving omtrent emissie en milieubelasting. Van deze ziekteverwekkers is bekend dat ze op natuurlijke wijze in meer of mindere mate onderdrukt kunnen worden door het bodemleven (biodiversiteit, concurrentie): de bodemweerbaarheid.
Organische stof is een belangrijke factor voor het functioneren van het bodemleven. Binnen het project Topsoil+ zijn drie teeltsystemen aangelegd met verschillend organisch stof gehaltes, te weten 0.7, 1.4 en 4.0%. Met behulp van biotoetsen bekijken we of het organisch stofgehalte van invloed is op de bodemweerbaarheid tegen Pratylenchus penetrans, Pythium, Rhizoctonia solani en Fusarium. Tevens gaan we na wat het effect is op het herstelvermogen van de ziektewering na verstoring van het bodemleven.
Meer informatie:
|