Energiegebruik en broeikasgasemissies in de biologische keten

Voor de biologische landbouw liggen er kansen om op het gebied van energieprestaties als voorloper en kraamkamer te fungeren. Wageningen UR heeft daarom aan de hand van literatuuronderzoek gegevens over energiegebruik en broeikasgasemissies per kilogram product geïnventariseerd. Met deze richtwaarden zijn betere keuzes te maken over de inrichting van de (biologische) voedselketen en de strategische mogelijkheden hiervoor.

Het is nog niet duidelijk of de energieprestaties van alle biologische sectoren beter of zelfs even goed zijn als die van de gangbare sectoren. De literatuurbronnen zijn niet altijd met elkaar te vergelijken door de verschillende methodes voor de bepaling of indicatoren voor de duurzaamheid.
Uit literatuurstudie blijkt dat het bepalen van de energieprestatie van een gewas of product sterk afhankelijk is van het soort product (gewas) of de keten. Ditzelfde geldt voor het aandeel van de primaire landbouw in de totale uitstoot aan broeikasgassen van de keten. Lokale seizoensproducten bijvoorbeeld scoren veelal beter dan kasproducten en geïmporteerde producten. Dit betekent direct dat deze producten buiten het seizoen niet beschikbaar zijn. Tevens geldt dat de prestaties van lokale seizoensproducten mede bepaald worden door de hele keten.
Een aantal onderzoeken concludeert dat grootschalige productie buiten de EU wellicht beter kan scoren dan lokale of regionale productie, mits tijdens de teelt weinig inputs nodig zijn en transport efficiënt plaatsvindt. Ook blijkt een efficiënte grootschalige keten beter te presteren dan kleinschaligere ketens. In de biologische sector zou de winst bij de teelt mogelijk tenietgedaan worden door een lagere bezetting, dan wel beladingsgraad in verwerking en transport.
Onbewerkte producten blijken het energieverbruik en uitstoot van broeikasgassen te beperken ten opzichte van bewerkte producten door het lage aantal bewerkingen in de keten. Het percentage aan uitval en verlies in de keten is wel aanzienlijk hoger door de beperkte kwaliteit of bewaarheid van versproducten. De mate waarin het verpakkingsmateriaal bijdraagt aan het energieverbruik en de uitstoot aan broeikasgassen is sterk afhankelijk van materiaal en toepassing.
Andere onderzoeken laten zien dat consumenten die boodschappen doen met de auto mogelijk meer uitstoot aan broeikasgassen veroorzaken dan al het eerdere vervoer in de keten. Bovendien ligt de uitstoot per kilogram product hoog door de veelal geringe hoeveelheid boodschappen. Het consumenten handelen is ook bepalend voor andere aspecten, zoals het uitvals- en verliespercentage in de keten.

Meer informatie:

Klik hier voor het rapport 'Energiegebruik en broeikasgasemissies in de biologische keten' door Van der Voort