Biologisch staat voor gezond, lekker en duurzaam geproduceerd. In de beleving van gemotiveerde consumenten smaken biologische producten beter, maar is dat ook zo? En hoe kan het smaakniveau worden verbeterd? Om uit te zoeken waarop het onderzoek en bedrijfsleven zich kunnen richten, kwamen experts vanuit onderzoek en diverse AGF-ketenpartijen bijeen in Het Restaurant de Toekomst te Wageningen.
Opbrengst en smaak
Volgens LBI onderzoeker Leen Janmaat worden smaakverschillen tussen biologische en regulier groenten & fruit steeds kleiner. Zolang de markt niet specifiek op smaak selecteert, kiezen de telers voor productieve rassen. Afnemers selecteren vooral op uiterlijke kwaliteit (uniformiteit) en de perceptie van “biologisch” geeft aan dat het gezonder is en beter smaakt. Op de grootschalige teeltbedrijven die voor export telen, wordt vooral op productie gestuurd. Zo wordt winterpeen tegenwoordig in het voorjaar vaak bijbemest, terwijl vroeger peen vooral op “oude kracht” groeide. Dit drukt zich uit in hogere nitraatgehalten in het eindproduct, tegelijkertijd verdwijnt het smaakonderscheid tussen biologisch en gangbaar. Volgens de onderzoeker is er wel degelijk verbetering mogelijk door raskeuze en evenwichtige bemesting. De lekkerste penen komen niet van de rijk bemeste bodems is zijn ervaring. Peenteler Asse Aukes levert vooral voor de binnenlandse markt en zoekt wel naar rassen die beter smaken. " Mede door het project Bijzonder Biologisch, proeven we regelmatig onze peen. We telen nu het ras Miami omdat dit ras erg mooi toont en een herkenbare betere smaak heeft. Helaas is dit ras minder goed houdbaar, waardoor we voor de late levering terugvallen op de meest geteelde ras Nerac ".
Herkenbaar anders
Alleen maar richten op smaak is onvoldoende aldus de aanwezige experts, het gaat om de gehele beleving rondom het product. Wel belangrijk is dat de slecht smakende varianten eruit worden geselecteerd. Uit smaakonderzoeken laten biologisch producten namelijk regelmatig zowel positieve als negatieve uitschieters zien. Het co-innovatieproject van waaruit de oerkomkommer op de markt is gekomen maakte gebruik van een smaakpanel. Zo zijn enkele oude komkommerrassen afgevallen vanwege sterke bij- of nasmaak. In het concept van de oerkomkommer gaat het vooral om het visuele onderscheid, maar de smaak mag bij gebruik niet tegenvallen. De uitdaging voor de komende jaren ligt vooral in het verbeteren van het gemiddelde smaakniveau door afwijkende slechte smaak te weren. Dit kan alleen indien afnemers beter gebruik maken van instrumenten (smaakpanels) die smaak beoordelen. Daarnaast kunnen detailhandel, groothandel, teler en veredelaar samen op zoek naar concepten die aansluiten bij de behoeften van de consument. Zo eten studenten tegenwoordig steeds meer “gezonde” lunches, snacks en tussendoortjes, mogelijk in te vullen door samenwerkende ketenpartijen. Voor deze groep klinkt “organic” beter in de oren dan “biologisch”.
Markt en keten
Binnen het thema markt & keten komen vragen vanuit alle sectoren bij elkaar. Komend najaar volgen meerdere bijeenkomsten waarbij de kansen voor nieuwe concepten worden uiteengezet en waarbij de juiste combinatie van bedrijven, onderzoek en marketing bijeen kunnen komen.
Meer informatie: