De chrysantenteelt is met een kleine 500 hectare het grootste grondgebonden glastuinbouwgewas in Nederland. De emissiestromen via de grond worden al in verschillende projecten doorgemeten en aangepast. Voorjaar 2008 concludeerden enkele waterschappen dat een emissievrije teelt alleen mogelijk is met teeltsystemen los van de grond. Vanuit dit idee is er een onderzoekstraject gestart naar een teeltsysteem op substraatbedden, gefinancierd door Senter Novem (subsidieregeling vanuit Verkeer en Waterstaat), enkele waterschappen en het ministerie van LNV. Er wordt gestreefd naar substraatbedden die renderen en inpasbaar zijn in bestaande bedrijven. Omdat er al 30 jaar gezocht wordt naar substraatsystemen voor chrysanten, is gekozen voor een grondige procesmatige aanpak. Wageningen UR Glastuinbouw brengt in dit project systeemontwerpmethoden in die ook in de techniek (bv. de ruimtevaart) worden toegepast. Het is hierbij belangrijk om een goede weging te kunnen maken in de voors- en tegens van verschillende systemen en inzicht te krijgen wat de valkuilen zijn van de afzonderlijke systemen, zodat daar de juiste R&D inzet op gericht kan worden. In een sessie met experts van verschillende kennisvelden werd in februari de eerste stap gezet naar een nieuw teeltsysteem. In deze eerste sessie stuitten we al direct op systeemeigenschappen waarover de experts van mening verschilden. Dit betekent dat de werkwijze meerwaarde oplevert, want ook tegenstrijdige kennis en meningen komen naar voren. Het betekent ook dat er voorstudies nodig zijn om principes te toetsen vóór er een eerste variant gebouwd zal worden.
Fotobijschrijft: In een serie workshops rond substraatbedden wordt een grondige aanpak gekozen.
Meer informatie: