Biologische rundveesector wil eigen fokprogramma
De biologische melkveesector wil een eigen fokprogramma opzetten. Koeien in de biologische melkveehouderij krijgen vaak een soberder rantsoen en moeten beter tegen een stootje kunnen dan reguliere koeien. Door de fokkerij volledig op biologische leest te schoeien, kan de sector structureel werken aan robuuste koeien die het goed doen onder biologische omstandigheden.

Minder HF
Uit onderzoek onder HF-vaarzen in Nederland blijkt dat deze dieren na omschakeling gemiddeld 1000 kilogram melk per lactatie minder produceren, dat het eiwitpercentage daalt en het celgetal stijgt. Tevens gaat de leeftijd bij afkalven anderhalve maand omhoog en neemt de tussenkalftijd toe. Mede daarom zijn biologische boeren zelf gaan kruisen met Montbéliarde, Brown Swiss, MRIJ, Blaarkop en de laatste tijd ook met Fleckvieh en Zweeds Roodbont. De diversiteit tussen biologische bedrijven is groot en er zijn dus verschillende wensen voor fokdieren.

Netwerk Bio-KI
Met een biologisch fokprogramma kan worden voorkomen dat de sector gebruik moet maken van voortplantingstechnieken die niet in de biologische gedachte passen. Een groep veehouders – vertegenwoordigd in het netwerk Bio-KI– wil stieren van biologische bedrijven via KI beschikbaar maken voor andere biologische bedrijven. Momenteel zoekt het netwerk samen met het Louis Bolk Instituut en ASG van Wageningen UR uit hoe een fokprogramma voor de biologische melkveehouderij eruit zou kunnen zien. Voor de coördinatie is de Europese vereniging Eco-AB opgericht. Eco-AB zet zich internationaal in voor de ontwikkeling van een biologische fokkerij, en organiseert o.a. workshops om kennis te delen en activiteiten op touw te zetten. Op dit moment zijn de leden vooral onderzoeksinstellingen die werken aan fokkerij in de biologische landbouw.

Meer informatie:

Klik hier voor BioKennisbericht Zuivel en rundvlees 9 ‘Biologische rundveefokkerij, welke weg gaan we?’.