Door een serie technologische innovaties uit de precisielandbouw komt duurzaam bodembeheer – niet ploegen en vaste rijpaden – dichterbij. Dat schrijft Wijnand Sukkel in Syscope 26.
Een goede zorg voor de bodem is altijd al belangrijk geweest voor de landbouw, maar met de verwachte gevolgen van de klimaatverandering neemt dit belang toe. De uitdaging is om via een goede bodemkwaliteit onder extreme weersomstandigheden – korte hevige buien, drogere periodes et cetera – toch goed te produceren en een goede kwaliteit te leveren.
Een van de meest beproefde oplossingsrichting is een minder intensieve en andere manier van grondbewerking (vaak het achterwege laten van ploegen). Naast voordelen als een verbeterd bodemleven, toename of verminderde afname van organische stofgehaltes, meer watervasthoudend en waterdoorlatend vermogen, zijn er ook nadelen als meer onkruiddruk en minder gemakkelijk wegwerken van gewasresten. De biologische landbouw heeft als extra handicap dat onkruiden en gewasresten niet chemisch te bestrijden zijn. Toch experimenteren vooral zij – naast gangbare ondernemers in het Limburgse heuvelland en graantelers op de zware zeeklei in het Oldambt – met ploegloze landbouw. Duurzaam bodembeheer zonder ploegen wordt momenteel getest in het ambitieuze systeemexperiment "Basis". Wageningen UR past een combinatie van methoden op kleigrond toe. Binnenkort starten experimenten op zandgronden.
Een groeiende groep biologische ondernemers ontwikkelt systemen met vaste rijpaden. Daarbij worden bewerkingen altijd over dezelfde trekkersporen uitgevoerd, zodat de bodem tussen deze rijsporen zo min mogelijk wordt belast en samengedrukt. De voordelen zijn een betere bodemstructuur, een hogere stikstofbenutting en een lagere lachgasemissie.
De benodigde innovaties voor duurzaam bodembeheer liggen op het terrein van precisiebesturing, sensortechniek, actuatie en robotisering uit de precisielandbouw. Deze kunnen zowel rijpadensystemen en conservation agriculture (minimale grondbewerking en een continue bedekking van de bodem met bijvoorbeeld gewasresten of groenbemesters) verbeteren. Hier ligt een grote uitdaging voor zowel het onderzoek als het bedrijfsleven.
Meer informatie: